Tag Archives: werk

wat ik de afgelopen twee jaar allemaal heb uitgespookt

Zoals ik vorige week al schreef: de afgelopen twee jaar heb ik deze blog best wel aan z’n lot overgelaten. Schandalig, ik weet het. En dat wil ik veranderen. Echt. Als bewijs van mijn welwillendheid heb ik een veel te persoonlijk stukje geschreven over alles wat ik de afgelopen twee jaar allemaal heb uitgevoerd, zodat je straks weer helemaal bij bent. Lees & huiver:

Gaat een 24-jarige naar de middelbare school

Twee jaar geleden behaalde ik mijn masterdiploma Nederlands. Ik studeerde af op de relatie tussen gender en succes in de posture van Connie Palmen, Renate Dorrestein en Heleen van Royen (FEMINISME jeuj) (deze info speelt trouwens geen rol in de rest van het verhaal maar ik vind het gewoon leuk om te vertellen). In plaats van een baan te zoeken, zoals normale mensen dat doen, besloot ik nog een master te doen: de lerarenopleiding tot docent Nederlands.

Ik verkeerde namelijk in de veronderstelling dat ik hier iets mee zou bereiken. Ik dacht dat ik de leerlingen goed Nederlands kon geven, dat ik hen interessante dingen kon leren, en dat ik een beetje een relevante rol zou spelen in de maatschappij.

Oh boy, I was wrong.

Ik heb me zelden zo irrelevant gevoeld als in het jaar van de lerarenopleiding.

Ik heb daar eigenlijk nooit iets over geschreven – natuurlijk heb ik daar nog nooit iets over geschreven. Tijdens dat jaar zelf kon ik er natuurlijk niks over online zetten (ik bedoel, op zich is deze blog gewoon gekoppeld aan mijn volledige naam), maar ook daarna had ik er weinig zin in. Deels omdat ik deze episode uit mijn leven gewoon wilde vergeten, en deels omdat ik het allemaal een beetje gênant vond. Er is weinig dat meer cringe-worthy is dan een leraar die er niets van bakt, nietwaar?

Het eerste half jaar viel het nog wel mee, trouwens. Toen vond ik het zelfs echt tof. Ik vond het leuk om lessen te bedenken en ik vond de leerlingen altijd leuk, zelfs als ze niet leuk deden. En zelfs het tweede half jaar vond ik de leerlingen ook meestal leuk, zelfs als ze niet leuk deden. Ik ben gewoon te soft. Ik vind altijd alles zielig, ik geef iedereen nog een extra kans (en nog eentje), ik geloof ieders verdrietige ogen als ze zeggen dat ze écht niet wisten dat ze vandaag al die belangrijke opdracht in moeten leveren. Heel leuk, aardig zijn, alleen je bereikt er weinig mee.

Ik geloofde zo erg in tweede kansen dat ik, toen ik eenmaal mijn diploma had behaald, eraan dacht om alsnog een baan te zoeken bij een iets ‘makkelijkere’ school (lees: in Amstelveen). Ik was er even van overtuigd dat het hier wel allemaal op rolletjes zou lopen. Ik bedoel: het lesgeven zelf vond ik interessant en het was echt niet alleen maar kommer en kwel. Ik heb me vaak rotgelachen om die kinderen (althans, op de momenten waarop ze niet de computersystemen van de school aan het saboteren waren en mij ervan overtuigden dat iemand buiten de klas de boel had gehackt) (ja, wist ik veel) (ik ben nu echt zo’n cliché van een leraar die niet weet hoe je met technologie om moet gaan hè?).

En misschien was het ook leuk geweest, ik zal het nooit weten. Want ik merkte eigenlijk ook wat het leraarschap mij niet bracht: schrijven. Ik heb altijd eigenlijk alleen maar willen schrijven. Mijn bijbaantjes tijdens mijn studie waren alleen maar gericht op schrijven, mijn eerste stage was als tekstschrijver: waarom zou ik in godsnaam een baan nemen waarbij ik de hele dag moest praten, terwijl ik ook gewoon kon gaan schrijven?

Dus toen solliciteerde ik bij een paar bedrijven waarbij ik dit kon doen. En tot nu toe heb ik eigenlijk nauwelijks teruggekeken. Mijn collega’s hebben dan ook nog geen propjes naar me gegooid, dus dat is TOP.

#officelife

Nu werk ik al bijna een jaar fulltime als copywriter. Dat is een stuk beter dan lesgeven, al was het maar omdat ik nooit mijn stem hoef te verheffen en chips mag weten wanneer ik dat wil. Maar het belangrijkste van alles: ik mag de hele dag schrijven. Sommige mensen vinden dat misschien raar, maar die mensen zijn zelf gewoon raar. Schrijven is geweldig. Hoe meer ik schrijf, hoe meer ik leer – zeker de laatste tijd, nu ik wat langer in de materie zit en steeds weer nieuwe manieren leer om dingen op een andere manier te doen of te zeggen.

Het bedrijf waar ik werk is ook erg leuk. Mijn collega’s zijn ontzettend creatief – en nee, dit zeg ik niet eens om te slijmen, want zij lezen mijn blog toch niet. Ik sta echt te kijken van de goede ideeën die ze steeds weer opnieuw hebben.

Aan de overgang van studeren naar 40 uur per week op kantoor zitten heb ik trouwens wel heel erg moeten wennen, maar ik geloof dat het inmiddels wel gelukt is. Het duurde een jaar en een mindfulnesscursusje, maar dan heb je ook wat.

Het blijft toch wel een beetje raar om te praten over je werk op je blog, vind ik (ik heb dat eigenlijk ook nooit gedaan bij mijn bijbaantjes, of bij mijn stage). Juist omdat het zo’n groot deel van je leven is. En je professioneel moet zijn, en zo, terwijl ik er op mijn blog een sport van maak om mezelf zo belachelijk te maken als het maar zijn kan. Dus ik stop er nu weer mee. Jullie weten wel genoeg, lijkt me zo.

Elke dag feest

Op zich ook wel een mijlpaal in mijn leven: afgelopen januari ben ik gaan samenwonen met Tim! De feiten op een rijtje:

  • Het is een huis in Amsterdam-Oost; ongeveer tien minuten fietsen van mijn vorige huis. Dat is wel fijn, want ik voelde me er erg op m’n plek.
  • Het is echt een geweldig huis. Maar echt. Het is zo oud en mooi en ik kan vaak nog niet geloven dat ik zoveel geluk heb om in zo’n huis te wonen (zeker niet omdat de huurprijzen in Amsterdam belachelijk hoog zijn). En dan ook nog eens in zo’n leuke buurt! En heb ik al gezegd dat het een mooi huis was?
  • Het is natuurlijk niet écht groot maar voor Amsterdamse begrippen meer dan prima.
  • Waar ik ook veel geluk mee heb gehad: de persoon met wie ik samen mag wonen. Al moet je dat eigenlijk geen geluk noemen, want ik heb hem zelf uitgezocht. Ik zou willen zeggen “Ik ben iedere ochtend blij dat ik naast hem wakker word”, maar ‘s ochtends vroeg ben ik niet zo met dit soort dingen bezig, dus ik zeg maar gewoon: ik ben iedere avond blij dat ik samen naast hem op de bank mag zitten met een bord eten op schoot. Beter dan dat wordt het niet.
  • Nee maar echt samenwonen is heel erg leuk. Ik vond alleen wonen ook altijd meer dan prima, maar samen is echt alles veel beter. Het is gewoon zo fijn dat er altijd iemand is. Het klinkt misschien heel stom maar het idee van je ‘leven delen’ vind ik heerlijk. Ik kan het echt iedereen aanraden (nou ja, iedereen die een relatie heeft met iemand waarmee hij/zij zijn leven wil delen tenminste, anders is het een beetje awkward).
  • “Ja maar ergeren jullie je dan nooit aan elkaar?” Nou … laten we zeggen dat we een aantal zaken in het huishouden allebei op een andere manier aanpakken.
  • Sorry, ik weet dat het saai is om een blogpost te schrijven over hoe erg je je leven op orde hebt, maar ja, als dat niet zo was zou ik deze blogpost niet schrijven denk ik.

Opa

Niet dat alles in mijn leven goed ging. In juni is mijn opa overleden. Dezelfde opa die in mei 100 was geworden, ja.

Ik had er nog niets over geschreven omdat ik het een beetje raar vond, het is toch niet alleen mijn opa, hij is ook de opa van mijn broertje en zusje en neefje, en de vader van mijn vader en oom.

Hij is eigenlijk gegaan op de minste erge manier waarom je kan gaan: hij verloor zijn bewustzijn en stopte na een paar dagen met ademen. Hij leek geen doodstrijd te hebben. Hij is 100 geworden. Mijn vader heeft de laatste dagen vaker wel dan niet bij hem gezeten, en ook mijn moeder en oom en tante zijn heel veel bij hem geweest, en ik heb hem zelf ook nog kunnen zien.

Maar het blijft rot.

Misschien schrijf ik er ooit nog wel een stukje over, want er valt nogal veel over hem te schrijven. Maar op dit moment voelt alles nog fout.

 

Dus dat

Thanks voor het lezen

Dit verhaal was echt heel lang

Dit is geen haiku

12 Comments

Filed under leven

alles went, zelfs het feit dat je een verwend kreng bent

Weet je wat ik gek vind? Dat een mens overal maar zo snel aan went. Slechts iets meer dan twee maanden geleden probeerde ik mijn lesbevoegdheid te behalen. Ik stond voor de klas en worstelde ondertussen met een gigantisch lastig onderzoek. Destijds had ik gesolliciteerd voor een vaste baan bij een school en ik was zelfs een soort van aangenomen (dat verhaal vertel ik nog wel eens als ik eraan toe ben – over twintig jaar of zo). Na heel lang wikken en wegen en jankend met mijn moeder bellen, besloot ik het toch maar niet te doen, en niet veel later werd ik aangenomen als copywriter bij het bedrijf waar ik nu werk. Daar zit ik inmiddels alweer bijna een maand.

En natuurlijk, ik zal niet zeggen dat ik het idee heb dat ik er al tien jaar werk, ik ben nog steeds aan het wennen, maar wennen doe ik zeker – zowel aan mijn leven tijdens werkuren als aan dat buiten werktijd. Waar ik de eerste twee weken iedere avond als een zombie RuPaul’s Drag Race kon kijken, doe ik nu nog wel eens iets leuks (soms schrijf ik zelf een blog! Gewoon op woensdagavond!). En dat leraarschap? Binnenkort heb ik een diploma-uitreiking, maar ik heb het gevoel alsof dat papiertje echt jaren te laat komt. Ik kan me totaal niet herinneren dat ik in een recent verleden een opleiding heb gevolgd, namelijk.

Aan de ene kant vind ik dit wel een lekker gevoel, want als iets snel went, gaat het leven lekker langzaam en duurt het heel lang voordat ik helemaal gerimpeld ben/doodga/wéér moet bedenken wat ik in vredesnaam moet doen met oud en nieuw. Tegelijkertijd is dat snelle gewen ook wel jammer. Zo dacht ik dat ik voor altijd #superdankbaar zou zijn toen ik vanuit een studentenflat waar mensen afval uit het raam gooiden ben verhuisd naar een eigen studio op een centrale plek in Amsterdam, maar binnen no time had ik het gevoel alsof ik nooit ergens anders had gewoond. Tuurlijk, ik ben nog steeds #dankbaar, maar niet #superdankbaar, want ik huil niet dagelijks van geluk omdat ik in zo’n mooi huis woon, ik huil tegenwoordig alleen nog als de koffie op is.

Ook het afronden van de lerarenopleiding werd al snel normaal, en dat terwijl afgelopen jaar toch echt het moeilijkste jaar uit mijn leven was (veel lastiger dan mijn bachelor en mijn master Nederlands bij elkaar, in het kwadraat, vermenigvuldigd met 17 en dan tot de macht 9). Toen ik nog bezig was, droomde ik van het gigantische feest zou organiseren zodra ik geslaagd was. Ik wist zelfs al de titel al die ik aan het Facebookevenement zou geven: School’s Out For Mevrouw Van CAMPenhout  (niet dat School’s Out echt camp is, maar goed, it’s my party and I listen to Alice Cooper if I want to) (of is het wel camp? Ondanks mijn veelbelovende achternaam heb ik nou nooit zo goed het verschil tussen camp en kitch begrepen). Echter, omdat ik al een tijdje vrij was toen ik hoorde dat ik afgestudeerd was (en eerlijk is eerlijk: ik wist al bijna zeker dat mijn allerlaatste cijfer wel goed zou zijn), had ik er al geen zin meer in.

En dat is best jammer. Toen ik nog bezig was, wilde ik zó graag klaar zijn. Ik dacht dat ik 24/7 uitzinnig van vreugde zou wezen, net als dat ik voor mijn verhuizing dacht dat ik 24/7 tegen mezelf zou roepen “omgikwoonnuzoleukomgikwoonnuzoleuk”, net zoals dat ik voordat ik nieuwe schoenen had dacht dat ik 24/7 foto’s van die schoenen op Instagram zou plaatsen (dat heb ik dus één keer gedaan, vandaag).

Maar goed, wat doe je eraan, hè? Ik kan moeilijk de hele tijd “No more pencils, no more books, no more teacher’s dirty looks” gaan zingen, nietwaar? Of iedere dag al mijn stageverslagen teruglezen om me te realiseren dat ik die dingen toch echt minder dan 365 (in sommige gevallen, minder dan 70) dagen geleden schreef, in plaats van drie levens geleden? Of nog eens teruggaan naar mijn oude flat om ratten te spotten tussen het afval?

Nee, waarschijnlijk is er maar één oplossing: keihard gaan genieten van wat ik nu heb. Ik weet het, dat is lastiger dan ergens aan wennen, maar ik ben het de Lisa van drie maanden geleden behoorlijk verschuldigd.

Dit is er eentje uit de categorie 'Hier Zou Ik Best Aan Kunnen Wennen, Maar Dat Hoeft Helaas Niet'

Dit is er eentje uit de categorie ‘Hier Zou Ik Best Aan Kunnen Wennen, Maar Dat Hoeft Helaas Niet’

11 Comments

Filed under leven, studie/werk

bevindingen na de eerste week van de rest van mijn leven

Ja, natuurlijk, iedere week is de eerste week van de rest van je leven. Iedere dag is de eerste dag van de rest van je leven, iedere seconde is de eerste seconde van de rest van je leven – dat zijn maar liefst 86.400 momenten per dag waarop je de hele boel totaal om kan gooien. Hoopvol, nietwaar? Maar goed, vorige week was wel echt een heel erg ‘nieuw begin’ in klassieke zin, aangezien ik toen begon aan mijn eerste fulltime baan na mijn studie. Mijn studententijd is officieel over, finito, komt nooit meer terug.

(Alhoewel, je weet nooit wat het leven je brengt, wellicht ga ik op mijn vijftigste weer in een studentenhuis wonen en beginnen aan een studie Informatica, kan toch?)

Als ik mijn week in één woord moest omschrijven, zou ik zeggen… intens. Ik heb ontzettend veel geleerd over het bedrijf waar ik werk en over wat ik ga doen, het is allemaal superinteressant en ik heb echt veel zin in de komende tijd. Verder ga ik er niets over zeggen, want anders wordt het zo’n ‘Lief dagboek’-verhaal, en bovendien vindt mijn werkgever het vast niet zo chill als ik alle details deel met de hele Nederlandstalige wereld (en met iedereen met Google Translate).

Maar goed, hoe leuk het ook is, na een behoorlijk lange vakantie is het natuurlijk altijd even wennen om weer in Het Gareel te moeten (iets dat ik twee jaar geleden ook ondervond toen ik fulltime stage liep). Tevens sliep ik de vorige week behoorlijk belabberd vanwege het warme weer. Volgens mij heb ik ongeveer net zo lang wakker gelegen als dat ik daadwerkelijk heb geslapen. Needless to say: ik was de hele week een beetje moe.

Ondanks het prachtige weer heb daarom ik dan ook nauwelijks het huis verlaten, het was net alsof ik huisarrest had. In plaats daarvan keek ik alleen maar naar RuPaul’s Drag Race (lees: America’s Next Top Model voor drag queens). Jup, het is een tijdje geleden dat ik het daar voor het laatst over heb gehad – ik was namelijk behoorlijk lang blijven steken bij seizoen 4. Na seizoen 3 en de eerste afleveringen van seizoen 4 was ik eigenlijk wel een beetje drag queen-verzadigd. Kwam deels doordat ze met zoveel waren dat ik ze niet meer uit elkaar kon houden, deels doordat ik seizoen 3 nogal saai vond (de enige leuke queens vond ik Shangela, Manila Luzon en Raja, de rest was echt… blugh) en deels doordat ik na tientallen afleveringen een beetje gek werd van RuPaul, die in iedere aflevering meer op een karikatuur van zichzelf ging lijken.

Maar ja, aangezien ik vorige week niet genoeg energie had om ‘s avonds naar buiten te gaan en iets te beleven (man, ik had niet eens genoeg puf om door mijn Instagramfeed te scrollen) en ik Gossip Girl onlangs voor de tweede keer uit had, ging ik toch maar verder met RPDR bingewatchen. En dat was eigenlijk een ontzettend goed idee.

Seizoen 4 vond ik namelijk veel en veel beter dan seizoen 3, en dat had alles te maken met de deelnemers. Die waren namelijk gewoon beter. Mijn lievelings was uiteraard Sharon Needles. Zij ALLES wat ik zoek in een drag queen. Ik hou van haar hoofd, ik hou van haar humor, ik hou van haar kledingstijl, ik hou van haar attitude.

via GIPHY

(Dit is dus Sharon, en dit is dus m’n nieuwe levensmotto).

Het was allemaal zo leuk dat ik meteen doorging naar seizoen numéro 5. En wat kan ik zeggen… tot nu toe is dit mijn lievelingsseizoen. Iedereen is zo goed! In tegenstelling tot in seizoen 3 (waarbij je vanaf het begin al wist dat er maar twee queens waren die er echt toe deden) zijn er zoveel kandidaten waarvan ik denk dat ze best wel eens zouden kunnen winnen. Ik ben supererg voor Jinx Monsoon, al heb ik nog niet helemaal uitgevogeld waarom ik haar zo leuk vind. Ze doet me een beetje denken aan my first drag queen crush Pandora Boxx. Maar ja, dat zei Santino ook, EN WE WETEN ALLEMAAL HOE SANTINO OVER PANDORA DENKT.

(Ja ik ben nog steeds boos)

Ik zou een plaatje van Jinx op willen zoeken ter illustratie van een blogpost die voor de helft gaat over iets dat maar ongeveer twee andere mensen interesseert (maarja MBML (‘Mijn Blog Mijn Leven’)), maar ik probeer niets meer op te zoeken over RPDR-seizoenen die ik nog niet uit heb, omdat ik mezelf tot nu toe IEDER seizoen per ongeluk heb gespoilerd omdat ik zo nodig in Google dingen moest typen als “What did Willam do?” en hierdoor ongewild de uitslag ontdekte.

Goed, tot zover mijn spannende privéleven. Deze werkweek heb ik gelukkig flink volgepland met sociale uitjes om te voorkomen dat die mannen met pruiken voor de rest van mijn leven mijn enige vrienden zijn.

Verder nieuws uit Lisaland:
Hardlopen vorige week was dom, ik kreeg een paar dagen later (?????????) intens veel last van mijn knie en het is nu pas net bijna over. Niet oké.
– Ik heb trouwens ook wel met mijn vriend in het park gepicknickt hoor, en van het weekend heb ik nog allemaal dingen gedaan. Jullie denken nu misschien: ja hallo, Lisa, waarom kom je daar nu weer mee, maar ik had deze blog nu eenmaal al zo geschreven voordat ik tijd had om hem te posten, en nu wacht Netflix weer op me dus ik heb geen tijd om mijn hele verhaal om te gooien. (Ja, vandaag is de enige dag dat ik ook nergens heen ga, he he he.)
– ……………. nee oké ik heb niets meer te vertellen. Werk, RPDR en mijn knie, dat is mijn leven nu. Heb geduld, ooit word ik weer interessant (althans, dat vermoed ik).

 

11 Comments

Filed under leven