Tag Archives: tijdmanagement

het ene uur is het andere niet

Dat hele coronagedoe is zwaar klote, maar het heeft me één ding opgeleverd: ik heb eindelijk tijd om genoeg naar de sportschool te gaan. Ik probeerde vroeger altijd drie keer per week te trainen. Twee keer lukte, maar die derde keer kwam er altijd wel wat tussen: een borrel, een familieverjaardag, een uitje. Nu heb ik zelden plannen. Elk nadeel heb ze voordeel, al had ik het natuurlijk liever anders gezien.

(Even ter verduidelijking, ik volg in de sportschool alleen maar lessen en die zijn op vaste tijden: als ik gewoon zelfstandig op van die apparaten had getraind, was ik wat flexibeler geweest. Maar goed, als ik gewoon zelfstandig op van die apparaten had getraind, zou ik elke keer na 10 minuten weer naar huis zijn gegaan om chocola te eten op de bank)

Nu sport ik dus drie keer per week. Dat is natuurlijk niet écht veel, maar toch voelt het alsof ik er heel veel tijd doorbreng. Soms vraag ik me zelfs af of het niet een beetje té veel is. Niet dat ik het niet leuk vind hoor, dat sporten – het is serieus mijn favoriete hobby – maar zou ik mijn tijd niet nuttiger moeten besteden? Zou ik niet meer kranten moeten lezen, of mijn sociale leven beter moeten onderhouden, of het balkon moeten opruimen?

Dat is ook wel weer een rare gedachte, want een week heeft 168 uur*, en 3 uur van de 168 is bijna 2%. Kijken we naar mijn wakkere uren (112) dan sport ik daarvan bijna 3%. Zelfs als je 6 keer per week een uur zou sporten, sport je maar een dikke 5% van je wakkere tijd, ervan uitgaande dat je 8 uur per nacht slaapt.

Maar voor sporten heb je wel meer tijd nodig dan alleen zuivere sporttijd. Je moet je kleren klaarleggen, je moet erheen gaan, je moet wachten tot de les begint. Je moet terug, je moet douchen, je moet aan je geliefde vertellen hoe kapot je wel niet bent.

En je moet er andere dingen omheen plannen. Als ik om 18.30 een les volg, kan ik pas eten rond 19.45 (als Tim het eten klaarmaakt) (wat vrijwel altijd wel zo is als ik ga sporten) en dat voelt meteen weer zo laat. Die ongeveer anderhalf uur die ik tussen mijn werk en sporten heb, weet ik heus wel in te vullen, maar doordat ik altijd één oog op de klok hou, voelt het toch niet als ‘echt vrije tijd’ Ik kan niet én sporten én nog afspreken met vrienden als ik de volgende dag moet werken. Nog altijd besteed ik meer tijd aan Netflixen dan aan sporten, maar dat kan in tenminste tijdens het eten doen. En Instagram, of stomme dingen lezen op Reddit? Daar hoef je ook geen tijd voor in te plannen. Dat gaat gewoon vanzelf.

Een andere reden waarom het voelt alsof het zoveel is, is omdat het gewoon veel meer indruk maakt. Ik bedoel, sporten is afzien! Je moet al je wilskracht gebruiken om nog één extra lunge te doen. Soms verdrink ik bijna in mijn eigen zweet. Dat herinner je je wel ja, in tegenstelling tot die uren waarop je door je telefoon scrollt. En dan heb ik niet eens over die endorfineboost, die me steeds laat denken OMG BURPEES ZIJN HET LEUKSTE OOIT WANNEER MAG IK WEER?!? (Serieus I love burpees, kan er de hele dag over fantaseren)

Dus ja. Het ene uur is het andere niet. En dat is misschien maar goed ook, want doordat het lijkt alsof ik ‘altijd maar sport’ voel ik me tegenwoordig een heuse fitgirl. Met m’n 3%.

* Andere interessante berekeningen: van mijn wakkere tijd werk ik 29% (dat is nog geen één derde!). Toen ik nog naar mijn werk reisde (wat ik nooit als ontspannend ervoer, zelfs niet als ik een leuk boek las) was ik in totaal 37,5 procent van mijn wakkere uren kwijt aan werkgerelateerde zaken: dat is nog steeds niet eens de helft van de tijd, en slechts 66% van de wakkere tijd op dagen dat ik werkte, al voelde het minstens als 80%. Dat ik niet meer zo vaak in de trein zit is ook wel echt een voordeel van deze rottijd. (Hier ben ik trouwens over na gaan denken dankzij het boek 168 Hours van Laura Vanderkam, een absolute aanrader voor iedereen die het interessant vindt om na te denken over tijd en hoe je die effectief besteedt.)

3 Comments

Filed under sport die geen hardlopen is