spijkerbroekenblues

Ik heb geen spijkerbroek. Dat is best wel bijzonder, geloof ik, want de spijkerbroek is toch wel de basic der basics, naast het witte T-shirt (heb ik trouwens ook niet). Het valt andere mensen ook altijd op, want bijna iedereen die ik ken heeft ooit wel eens tegen mij het zinnetje “Jij draagt eigenlijk nooit spijkerbroeken hè…” uitgesproken. Ik hoop nu niet dat ik overkom alsof ik cool wil zijn (net zoals die mensen die maar opscheppen over het feit dat ze geen tv hebben maar dan alsnog de hele dag doelloos op internet zitten) (ik heb wel een tv maar hij is niet eens aangesloten) (ik zit ook de hele dag doelloos op internet), want dat is niet mijn bedoeling.

Dat ik geen spijkerbroek heb, is (net zoals het feit dat mijn tv niet aangesloten is) geen kwestie van stijl of principe, maar meer een kwestie van luiheid en perfectionisme. Jaja, jullie verwachten het misschien niet, maar deze twee eigenschappen gaan hand in hand. Het zit namelijk zo: ik wil alleen maar de perfecte spijkerbroek (die niet afzakt en niet gemaakt is door kinderen) en anders niets, maar ik heb geen zin om die te zoeken. Een rokje of een vest past namelijk bijna altijd, en als die dingen niet passen, pak je een maatje groter of kleiner. Dan kom je er meestal wel uit. Bij spijkerbroeken is het een ander verhaal: zo’n ding moet zó precies om je lichaam schikken dat het zoeken naar een spijkerbroek wel het zoeken naar een soulmate lijkt. Je kunt naar huis gaan met een exemplaar dat nét niet helemaal lekker zit, maar daar word je op den duur alleen maar ongelukkig van.

Daarom is de kans dat je na het zoeken naar een spijkerbroek met lege handen terug naar huis keert, gewoon best wel groot. Ik ben een drukbezette vrouw, dus ik kan het me niet permitteren om op bij voorbaat mislukte spijkerbroekenjacht te gaan, zo simpel is dat.

En meestal vind ik dat prima, want ik mag dan wel geen spijkerbroek hebben, ik heb wel een heleboel andere kleren en die zijn vaak eigenlijk nog leuker ook dan spijkerbroeken (zoals ik al zei, het is bij mij geen kwestie van stijl, maar iedereen weet dat een spijkerbroek niet zo superfancy is). Alleen soms, op sommige dagen, vind ik het eigenlijk toch wel een beetje jammer dat ik me niet in mijn favoriete spijkerbroek kan hijsen – dan verlang ik ineens toch maar zo’n blauw ding met pijpen.

Waarom ik daar ineens naar verlang? Noem het sociale conditionering (hoe vaak hebben we wel niet in magazines gelezen dat je echt niet zonder jeans kunt???), noem het jaloezie vanwege wat ik om me heen zie (overal spijkerbroeken!), noem het behoefte aan comfort, ik weet het niet, maar op sommige dagen (lees: vandaag) heb ik gewoon écht geen zin om mezelf in een panty te hijsen, of in een van de niet-spijkerbroekbroeken die ik heb. Op sommige dagen is alles wat niet van spijkerstof is gewoon te veel moeite. Dan wil ik gewoon een skinny jeans en een t-shirt.

Op zulke dagen voelt mijn leven altijd onnodig ingewikkeld, alsof ik het mezelf gewoon veel te moeilijk maak door geen spijkerbroek te kopen.

Het spijkerbroek als symbool van het simpele leven. Alleen te verkrijgen na héél veel moeite.

geen spijkerbroek

Ter compensatie draag ik mijn spijkerblouse maar gewoon om de dag

17 Comments

Filed under kleding en zo

dagboek van een niet-hardloper

niet kunnen hardlopen

Aan het begin van dit jaar blogde ik redelijk vaak over mijn verrotte knie die eigenlijk dus niet verrot is (sowieso slaat het woord ‘verrot’ in deze context nergens op, ik ben niet aan het ontbinden, maar goed). De laatste tijd heb ik echter niet meer zo veel over dit onderwerp geschreven. Niet omdat ik geen last van mijn knieën meer heb, maar omdat het een beetje een saai verhaal aan het worden is. Ieder persoon dat in meerdere of mindere mate iets mankeert, weet: na drie keer vertellen dat er geen verbetering heeft plaatsgevonden, haken mensen af.

Inmiddels heb ik er al een tijdje braaf mijn mond over gehouden, dus ik mag er wel weer eens iets over zeggen: ik heb nog steeds last van allebei mijn knieën, niet zodanig dat ik echt veel pijn lijd, maar wel zodanig dat ik denk: hmm, ik moet maar even rust nemen, want anders gaat het dadelijk écht zeer doen. Dus ik lijd wel degelijk, maar vooral geestelijk.

Het meest lijd ik dan nog wel onder het feit dat ik niet kan hardlopen. Dat vind ik heel erg, en echt niet alleen omdat ik een hekel heb aan krachttraining. Ik mis het rennen ontzettend. Vorige week ging ik voor het eerst sinds heel lang weer eens vijf minuten rennen op de loopband (zo kort kan wel), en ik vond het zo fijn om gewoon mijn benen te bewegen en te gáán. Gewoon, hup, been voor been, blik op oneindig en dan vooruit. Hoewel het niet zo leuk was als buiten rennen, was het toch het leukste dat ik ooit in die sportschool gedaan had.

Nu het weer steeds mooier wordt, wordt het steeds lastiger om niet hard te lopen. Vorige week zat ik even in de zon te eten, maar ik dacht alleen maar: ik wil door de zon rennen. Als ik langs de Amstel fiets, denk ik alleen maar: ik wil langs de Amstel rennen. Als ik door het park loop, denk ik alleen maar: ik wil door dit park rennen. Als ik binnen zit te werken en de lucht buiten is stralend blauw, fantaseer ik niet over terrasjes, maar over hardlopen.

(En ja: iedere hardloper die ik zie, wil ik uit jaloezie tackelen. Niet erg sympathiek, maar dit schijnt natuurlijk te zijn voor geblesseerde hardlopers.)

Ik ben ervan bewust dat deze onmogelijke liefde alleen maar pijnlijker wordt doordat ze onmogelijk is, want toen ik het nog wel kon, had ik echt niet iedere dag superveel zin om mijn hardloopschoenen aan te trekken, ik moest mezelf heel vaak de deur uitslepen. En heus, ik weet ook wel dat dit niet het einde van de wereld is en dat er genoeg mensen zijn die met mij zouden willen ruilen (verder werkt mijn lichaam namelijk top) (oké ik heb ook last van hooikoorts maar ach wie niet).

Dus ja, zielig ben ik heus niet. Vooral ook omdat ik weet dat ik best nog wel een tandje bij kan zetten bij mijn fysio-oefeningen (ik doe ze wel braaf hoor, maar het kan altijd beter). Dat ga ik maar meteen even doen, zodat ik de volgende keer dat ik jullie verveel met verhalen over mijn knie tenminste goed nieuws te melden heb. Is ook voor jullie minder saai, dus uiteindelijk worden we er allemaal beter van.

8 Comments

Filed under hardloopavonturen

mijn vakantie: een recensie

Zoals jullie hopelijk wel gemerkt hebben (waar schrijf ik anders voor?!), was het hier de afgelopen tijd nogal stil. Niet zonder beregoede reden, want ik was dus op vakantie. Van tevoren had ik bedacht dat ik daar misschien nog wel een blog kon schrijven op mijn zusjes laptop, maar eenmaal ter plaatse bleek alleen een laptop aanzetten al te veel moeite. Zo’n vakantie was het dus.

Wat voor vakantie het verder was?

(Afgezien van het feit dat het een vakantie was met mijn vader, moeder en zusje op de camping vlakbij Vaison-la-Romaine (vlakbij de Mont Ventoux) waar ik zo’n beetje iedere vakantie van mijn jeugd heb doorgebracht – zie mijn vorige blog.)

Nou, zo’n vakantie dus:

vakantie vaison la romaine

Deze foto is echt schots en scheef maar ja, ga maar eens stilzitten in een hangmat

Omdat een foto van een hangmat niet genoeg informatie geeft (misschien zat ik wel te janken in die hangmat, weet jij veel) zal ik even een korte recensie van mijn vakantie geven, waarin alle belangrijke elementen de revue passeren (spoiler: ik zat niet te janken in de hangmat):

De heenreis: vroeg, maar prima. Mijn wekker ging om kwart over vier, en gek genoeg was ik niet eens zo moe. Misschien ook omdat ik zo bang was dat ik de bus naar Schiphol niet kon vinden. Gelukkig lukte dat al, al wilde ik bijna in de bus naar Roemenië stappen. Gelukkig deed ik dit toch niet. Om half zes kwam ik aan op het vliegveld en het was bizar druk voor een tijdstip waarop je hoort te slapen. Vervolgens kocht ik zo’n idioot grote koffie dat zelfs ik hem niet op kreeg (en het was een size medium! De verstarbuckisering van de samenleving toch ook!) waardoor ik voor het eerst sinds een rechtstreekse vlucht naar Thailand in 2009 in het vliegtuig naar de wc ging. Ik wist meteen weer waarom ik probeer om voor het vliegen niet zoveel te drinken want gadverdamme wat was dat vies. Maar goed, verder ging alles prima op de heenweg, de reis van Lyon naar Vaison ook.

Het gezelschap: fantastisch. We misten alleen mijn vriend. En mijn zusjes vriend. En mijn broertje. Maar goed, het was maar een vierpersoons caravan, dus dat had eigenlijk toch niet gepast.

De omgeving: prachtig. We zaten ook op een geweldige plek op de camping, we hadden zulk goed uitzicht! Kijk dan!

Ben al op sinds vier uur ‘s ochtends, maar dan heb je ook wat.

Een foto die is geplaatst door Lisa 🍒🍋🍐 (@vijfkoffiegraag) op

De WiFi: niet zo goed. Mijn vader had een abonnement voor in het buitenland genomen en zijn telefoon was onze hotspot, maar die hotspot had zelf niet zoveel verbinding. Het enige wat een beetje behoorlijk werkte, was WhatsApp (vandaar ook dat ik jullie ook niet helemaal kapotgespamd heb op Instagram, dat lukte gewoon niet)

Veganistische opties in de supermarkt: matig. Ze hadden er niet eens cassavekroepoek en in de hummus zat kaas verwerkt (???). We hebben wel heerlijke pure chocolade-pindarotsen maar dan met cornflakes in plaats van pinda’s van de Super U gegeten. En zalige olijvenpaté. Maar die dingen waren dan wel weer bizar duur.

Het weer: zalig. Afgezien van zaterdag en zondag (toen het ineens heel koud was) was het iedere dag prachtig (en dat terwijl mijn moeder, die er dus al een week was voordat ik kwam, de week ervoor in haar winterjas liep!). Oké, als ik nog even mag zeiken: het waaide wel hard. Daar werden we best moe van.

Het fitnessregime: mwah-mwah. Mijn zusje en ik besloten op dag 1 dan we om de dag gingen bootcampen (lees: allebei onze eigen oefeningen van de fysiotherapeut afwerken, plus gezamenlijk planken, iets wat ik wel moet van de fysio maar m’n zusje niet, maar het is zo gezellig om samen te doen). Alleen op dag drie regende het. Dag vier ging dan wel weer goed, dag zes ook, maar op dag acht hadden we het te druk en op dag negen waren al onze attributen al ingepakt voordat de dag goed en wel begonnen was (en dat terwijl we die dag een workout juist goed hadden kunnen gebruiken, zie punt ‘De terugreis’).

De excursies: leuk! Zo gingen we naar Carrières de Lumières, waar schilderijen van Chagall op de wanden werden geprojecteerd (en niet zomaar, nee ze bewogen enzo). Echt een aanrader. Verder bar weinig gedaan, naar het dorp geweest, ergens gewandeld, en dat was het wel zo’n beetje.

Het oeuvre van Chagall in een grot geprojecteerd 👌👌👌

Een foto die is geplaatst door Lisa 🍒🍋🍐 (@vijfkoffiegraag) op

Anders verhuizen we gewoon met z’n allen hierheen. Goed?

Een foto die is geplaatst door Lisa 🍒🍋🍐 (@vijfkoffiegraag) op

Activiteiten op de camping: erg goed, vooral die ene keer dat mijn zusje en ik Taylor Swift-concerten hebben gehouden en ik ook nog even een paar documentaires over haar maakte (haar = mijn zusje, niet Taylor Swift).

Gelezen boeken: wisselend. Ik had tien boeken op mijn e-reader gezet, ik heb er zes gelezen. Ik vond het best irritant dat ik geen ‘echte’ boeken mee kon nemen, want ik heb thuis nog zoveel ongelezen boeken liggen waar ik maar niet aan toekom, maar die ik echt heel graag wilde lezen. Om dit verdriet (en mijn wegwerkdrift) te compenseren, heb ik besloten om alleen maar boeken te lezen waarvan het als neerlandica op zich best wel gênant is om die nog steeds niet te gelezen te hebben (en een random boek van Renate Dorrestein) (altijd een random boek van Renate Dorrestein). Ik zal even heel kort vertellen of ik het aanraders vind of niet (anders duurt het lezen van deze blog ook zo lang, en jullie hebben ook nog andere dingen te doen): Renate Dorrestein – Een sterke man (ja) Arnon Grunberg – Blauwe maandagen (nee), Frans Kellendonk – Mystiek lichaam (alleen als literatuur je ding is), Joost Zwagerman – Gimmick (ja), Hanna Bervoets – Alles wat er was (ja), Arthur Japin – Een schitterend gebrek (alleen als je van plan bent om leraar Nederlands te worden, want bijna alle leerlingen kiezen dit boek voor boekbesprekingen) (nee grapje, ik vond het begin heeel saai maar later werd het toch wel mooi, maar weet nog steeds niet of ik het nou echt aan zou raden).

Zwembadtemperatuur: slecht. Het water was ijskoud. Desondanks heb ik wel drie keer gezwommen want ja ik vond het zonde van het water om niet te doen.

De terugreis: hels. Mijn ouders hebben namelijk hun oude auto met zeven stoelen (waarvan er twee uitkonden) onlangs vervangen door een normale auto. Dit zorgde voor kleine inschattingsfouten bij het meenemen van bagage. Zodoende zaten mijn moeder, mijn zusje en ik totaal ingebouwd tussen alles wat we mee terug moesten nemen (en dat twaalf uur lang). Nee echt, ik heb nog nooit zo rot gezeten in de auto als deze keer. Maar goed, hè, beter een leuke vakantie met een stomme terugreis dan een stomme vakantie met een leuke terugreis, toch?

Eindoordeel:

vaison la romaine vakantie

Topvakantie

10 Comments

Filed under leven

vroege vakantie/vakantie vroeger

Een groot gedeelte van mijn leven startte iedere vakantie om vier uur ‘s ochtends. Mijn moeder maakte ons wakker, we stapten half slapend in de auto en ‘s middags kwamen we aan bij onze stacaravan in Zuid-Frankrijk, vlakbij de Mont Ventoux.

Hoe leuk de reden voor dit vroege ontwaken ook was, ik vond het verschrikkelijk om op zo’n onchristelijk tijdstip mijn bed uit te moeten. Iedere keer als mijn moeder me midden in de nacht wakker maakte, wenste ik dat de vakantie zou worden gecanceld. Lekker melodramatisch, maar ja, ik was nogal een melodramatisch kind. Eenmaal in de auto was ik gelukkig altijd alweer vergeten dat ik zojuist nog in mijn bed had gelegen, en zodra ik op de camping was merkte ik al niets meer van dat slaapgebrek. Dan had ik het te druk met zwemmen. Of met tafeltennissen. Of met het lezen van een van de 18 boeken die ik in de kofferbak had gepropt.

Zo ging het ieder jaar maar liefst drie keer, want ja, die huur van de plek voor de stacaravan was ook niet gratis, dus we moesten er van profiteren ook. En god, geprofiteerd hebben we. Ik heb zoveel dagen op deze camping doorgebracht, zoveel stappen gezet in de omgeving, zoveel vrienden gemaakt en zoveel fijne herinneringen aan die plek overgehouden (en vooral aan de geheime hutten die we daar bouwden).

Tot mijn zestiende ben ik ieder jaar drie keer mee geweest, daarna werd het minder leuk – voornamelijk omdat mijn leeftijdsgenoten inmiddels ook niet meer met hun ouders mee op vakantie gingen. Campings in Zuid-Frankrijk waren in mijn optiek vooral leuk voor kleuters en bejaarden (= iedereen boven de 24). Alleen in de meivakantie ben ik nog een paar jaar meegegaan: dan was het tenminste lekker rustig en hoefde ik slechts één week lang koos leeftijdsgenootloos te zijn. En ja, afscheid nemen van je tweede huis is niet zo makkelijk hè.

Door een gebrek aan meivakanties (superleuk, studeren) ben ik nu echter al jarenlang niet meer op deze camping geweest. Mijn ouders bezochten ‘m nog wel trouw drie keer per jaar, aangezien zij het toch niet zo erg vonden dat er geen andere pubers waren. Minder leuk vonden ze dat de huur van de plek maar bleef stijgen en dat de eigenaar van de camping geen Jean-Marie meer heette maar dat de camping onderdeel werd van een keten die ervoor zorgde dat de camping ieder jaar steeds volgepropter werd. Plus, alle drie hun kinderen werden volwassen en de caravan zelf is inmiddels tot op de draad versleten. Dus mijn ouders verkochten vorig jaar hun caravan…

… om deze meivakantie gewoon een andere stacaravan te huren op dezelfde camping. Want ja, het voorjaar is nog wel lekker rustig, en afscheid nemen van je tweede thuis is niet zo makkelijk hè.

Over de meivakantie gesproken, weet je wie er ook meivakantie heeft? Ik. Voor het eerst sinds jaren. En weet je wie toen al hun overredingskracht hebben ingezet om hun oudste dochter nog één keer mee te krijgen naar Zuid-Frankrijk?

Om een lang verhaal kort te maken: morgenochtend vlieg ik om half acht naar Lyon, waar mijn ouders en zusje (die daar zaterdag al zijn heengereden) me komen ophalen. Klaar om een week niets anders te doen dan wandelen, lezen (op mijn e-reader dit keer, er passen geen 18 boeken in mijn handbagage), en om misschien eens een potje tafeltennis te spelen met mijn zusje. Mijn vader heeft beloofd dat we samen gaan koken, dus ik ga mijn familie ook eens introduceren in de wondere wereld van tofu. (Koken in plaats van hutten bouwen, waar is de tijd gebleven!)

Veel mooier dan dat kan het niet worden, toch? Oké, er is één belangrijk verbeterpuntje, en dat is dat ik alsnog om vier uur op moet staan om op tijd op het vliegveld te zijn*. Maar goed, dat vroege opstaan ben ik vast weer vergeten zodra ik onderweg ben. Zo gaat het immers altijd.

frankrijk vakantie

Foto door Muh Vadur, die me via whatsapp alvast laat zien wat me te wachten staat

*Nou ja, eigenlijk is er nog een ander tamelijk reusachtig verbeterpunt: dat mijn vriend niet mee kan. Dat vind ik stiekem best wel jammer.

16 Comments

Filed under op stap, vroegah

over birdy en je onnodig bejaard voelen

birdy concert

Foto door Julia

Een van de meest tragische dingen aan ouder worden is dat de populaire celebrity’s du jour steeds jonger worden. Hiermee doel ik niet op alle gezichtsverbouwingen die zij regelmatig ondergaan terwijl jij steeds verder verschrompelt, maar op het feit dat de ouder wordende modellen/acteurs/muzikanten telkens weer worden ingeruild voor vers showbizzbloed – op een gegeven moment zelfs jonger dan jijzelf. Ik weet nog goed hoe beroemd Dakota Fanning in mijn tienerjaren was en hoe erg ik dat vond. Zij was drie jaar jonger dan ik, niet alleen op het scherm maar ook ‘in het echt’ – en nu al zo succesvol. Wat kon ik dan nog doen met mijn leven?

(Het ironische hieraan is dat ik helemaal geen acteerambities heb en dus eigenlijk ook niet mag betreuren dat ik voorbijgestreefd word door iemand die later geboren is dan ik. Toch doe ik het. Een beetje.)

Dit is overigens niet de reden waarom ik altijd een hekel had aan zangeres Birdy, die een megahit scoorde toen zij vijftien was en ik twintig. Aan Birdy had ik gewoon een hekel omdat ze irritant was. Dat Skinny Love-gezever werd con-ti-nu op de radio gedraaid, ‘s ochtend, ‘s middags, ‘s avonds, het leek wel alsof er geen andere nummers meer bestonden, en dat terwijl het helemaal niet mooi of interessant klonk – ik vond het maar een suf, laf zeikliedje.

(En ik bedoel, sorry hoor, maar een artiestennaam als ‘Birdy’, dat is toch ook iets dat alleen maar verzonnen kan zijn door een prepuber???)

Maar goed, inmiddels zijn we ook weer vijf jaar verder en ben ik veel meer zen (zenner?) dan in mijn jeugd, dus toen een vriendin aan mij vroeg of ik mee wilde naar Birdy, lachte ik geen woedende heksenlach. Sterker nog: ik zei dat ik het zou overwegen. Dus ik ging wat nummers van deze zangeres luisteren, benieuwd waarom Julia daar nou zo graag naar toe zou willen. En weet je? Ik begreep het nog ook. Ondanks dat dat kind nog steeds geen twintig is (!), zit haar laatste album hartstikke goed in elkaar. De liedjes zijn mooi, interessant en absoluut niet laf en zeikerig.

Dus ik zei ja tegen Julia, en gisteren gingen we naar het concert. Het eerste dat me opviel was de enorme rij waarin we moesten gaan staan om binnen te komen, zelfs al was het voorprogramma al begonnen toen wij aankwamen. Het tweede dat me opviel was dat de meeste mensen in de zaal nog ouder waren dat wij. Dat was erg fijn, want daardoor voelde ik me toch weer net wat minder bejaard.

En toen Birdy ging zingen en spelen, vergat ik hoe jong ze is. Zo kinderachtig klinkt ze namelijk niet. Plus: daar hou je je niet mee bezig tijdens een concert. Dan heb je wel betere dingen te doen dan nadenken over de leeftijd van de artiest (althans, als het een goed concert is tenminste). Ik had er in ieder geval geen tijd voor. Ik genoot te veel – zelfs van Skinny Love.

Het was prachtig, die onderwatermuziek, en Julia en ik willen onze haren nu ook laten groeien tot onze navel.

We hebben besloten dat we daar nog niet te oud voor zijn.

9 Comments

Filed under leven, muziek