Monthly Archives: February 2016

#nofitgirl

Sinds januari ga ik naar de sportschool. Ik weet eigenlijk niet zo goed waarom, want ik vind er geen hol aan (oh wacht, ik weet wel waarom: ik moet binnenkort mijn progressie bespreken met een trainer en dan wil ik natuurlijk niet voor gek staan, zo ben ik dan ook wel weer. Plus, dat abonnement is superduur dus het minste wat ik kan doen is een #fitgirl worden).

Voor wie denkt dat ik in januari ben begonnen omdat ik pas in 2016 de beste versie van mezelf wilde worden: nee, dat is het niet, het leven liep gewoon zo. (Niet dat ik iets tegen goede voornemens heb, maar laat hier geen misverstanden over bestaan, oké?) Ik moest namelijk beenspieren kweken om mijn verrotte knie te ontzien en bedacht toen dat ik me dan net zo goed meteen een trainingsschema kon laten aanmeten, in de hoop dat ik me dan ooit misschien één keer zal kunnen opdrukken, en nou ja, TOEVALLIG verzon ik dit plan eind december.

Goed, anyway, ik train tegenwoordig dus in de sportschool, maar ik vind het stomvervelend. Dat is pas sinds kort zo. In het begin, toen al die apparaten voor mij nog supernieuw en superspannend waren, dacht ik heel even dat ik mijn Ware Passie had gevonden. Ik gooide mijn hele ziel en zaligheid in een workout, genoot van de spierpijn en baalde ervan dat rustdagen een ding zijn. Al voordat ik klaar was, wilde ik weer. Voor het eerst in mijn leven las ik blogs van #fitgirls en bekeek foto’s van hun gespierde lijven. Ik hoefde zelf niet zo nodig een blokjesbuik, maar omdat ik binnen no time supersterk zou zijn deed ik mijn best om het toch mooi te vinden, want ja, dit was toch mijn voorland hè, ik kon moeilijk Popeye worden maar eruit blijven zien als Olijfje.

Helaas was dit idyllische sportschoolgeluk van korte duur, want na twee weken had ik het wel weer gehad met die apparaten. Misschien kwam het doordat ik te veel oefeningen in één keer moest doen waardoor ik standaard anderhalf uur bezig was, misschien kwam het doordat die bal bij het squatten alle kanten opvloog, misschien kwam het doordat ik duizelig werd van lunges, misschien kwam het doordat mijn zielige armpjes iedere vorm van inspanning haten: ik weet het ook niet. De enige dingen die ik niet verschrikkelijk vind zijn hyperextention hoog (als ik dat doe voel ik me altijd net Dracula), de roeimachine (raak een beetje in trance van dat ding, doet me mijn ellende vergeten) en hip adduction (kan ik gewoon goed dus da’s leuk) (bovendien klinkt het enigszins als alien abduction). De rest vind ik zo saai dat ik er een beetje van moet huilen als ik eraan denk.

Daarom bij dezen, een oproep: hoe doen jullie dit, sportschoolmensen? Ik heb het al eerder gevraagd, maar toen waren alle fitgirls toevallig aan het trainen of zo, want er kwam geen antwoord. Daarom gewoon nog een keer: hoe ga ik dit in godsnaam weer leuk vinden? Moet ik meer afwisselen? Alleen nog maar oefeningen doen die me doen denken aan bovennatuurlijke wezens? Minder zeiken? Of moet ik gewoon accepteren dat ik me nooit ook maar één keertje zal kunnen opdrukken en inzien dat de beste versie van mezelf haar blogs gewoon met slappe armpjes typt?

Gelukkig ben ik dan weer wel gek op paarse havermout

Gelukkig ben ik dan weer wel gek op paarse havermout #clean #vegan

25 Comments

Filed under de ongemakken des levens

een simpel leven

nagellak

Nagellak (nee grapje bloed) (nee grapje haarverf) (maar zo zien mijn handen er wel ongeveer uit na het nagellakken)

Toen ik een jaar of zestien was, kocht ik een boekje genaamd Coach jezelf naar succes. Ik was niet van plan geweest om een zelfhulpboek aan te schaffen, maar het lag in de Donner nogal opzichtig bijna niets te kosten, dus ik kon niets anders doen dan het meenemen. Van het boek is me weinig bijgebleven, behalve dan dat de auteur vroeger hoopte dat ze werd aangereden door een bus zodat ze een paar maanden op bed kon liggen, en dat je, als je een simpeler leven wilt, moet stoppen met het lakken van je nagels.

Dit idee vond ik direct heel intrigerend. Nagellak is namelijk inderdaad behoorlijk zonde van je tijd: eerst moet je het heel netjes en voorzichtig aanbrengen, daarna mag je minutenlang niks aanraken (doe je dat wel, dan zit het spul overal behalve op je nagels), en na één dag ziet het er sowieso al niet meer uit. Moet je alles er weer af gaan halen met van die stinkende nagellakremover. Aangezien ik niet bepaald ben gezegend met een vaste hand, zat mijn nagellak trouwens ook altijd over mijn gehele vingers verspreid, lekker charmant.

Toch bleef ik nog jarenlang nagellak gebruiken (het liefst in subtiele kleuren als knalpaars en zeegroen). Iedere keer als ik dat spul ‘s avonds voor het slapengaan van mijn vingertoppen aan het krabben was, moest ik weer denken aan hoeveel simpeler mijn leven zou zijn als ik er gewoon mee zou kappen.

Want ja, dit onderwerp leefde toch al bij me toen ik tiener was, zelfs al woonde ik nog bij mijn ouders en hoefde ik niets behalve naar school gaan (ik weet ook niet hoe ik mijn leven ingewikkeld kon vinden, maar ik vond het wel) (krijgen jullie nu ook allemaal dit nummer in je hoofd?). En het is nog steeds wel een themaatje, net als bij iedereen tegenwoordig, een ‘te ingewikkeld’ leven is echt iets van deze tijd: we hebben allemaal wel onze projectjes hier en daar, werkmail die ook in het weekend gewoon aankomt, belastingzaken, studeren naast je baan, verre vrienden die je altijd nog wel even kunt mailen… ik ben heus niet de enige die na een dag druk bezig zijn ineens beseft dat ik nog eigenlijk allemaal andere dingen had moeten doen. En als je het net een beetje voor elkaar denkt te hebben, wordt er iemand in je omgeving ziek, krijg je ineens een nieuwe buurman die je ‘s nachts wakker houdt met zijn harde muziek of moet je weer opnieuw beginnen met fysiotherapie vanwege een knieprobleem waarvan je net dacht dat je er voorgoed vanaf was.

We willen allemaal maar minder (waarom denk je anders dat Marie Kondo zo verschrikkelijk populair is?), maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Voor ieder afscheid van een prul of een activiteit lijken er drie nieuwe voor in de plaats te komen, als een soort Hydra van Lerna. Het is tegenwoordig ook zo makkelijk om iets te vinden wat je kan doen, een klusje, een hobby, een vrijwilligersfunctie. Een hele nieuwe levensinvulling is maar een paar muisklikken weg. De overvloed is leuk, maar probeert desondanks onze hoofden eraf te bijten.

(Lekker dramatisch gezegd, zo erg is het natuurlijk niet, we zijn allemaal heel druk, druk maar o zo gelukkig, laat daar geen misverstanden over bestaan!)

Dit resulteert in verplicht mediteren en overwerkyoga (zoals beschreven in dit goede, iets te herkenbare artikel). Als iemand nog zwaardvechttips heeft, hoort ik het dan ook graag. Maar goed, op drukke momenten kan ik tenminste dankbaar zijn dat ik tegenwoordig geen rekening hoef te houden met hoe mijn vingers eruit zien: met nagellakken ben ik na al die jaren nu eindelijk gestopt. Het was de beste beslissing OOIT.

17 Comments

Filed under tijdmanagement

thuiskomen en terugverlangen

Ik heb er altijd zo’n hekel aan als andere mensen dit zeggen, maar ik ga het toch doen: ik word oud. Dat merk ik aan alles. Zo is mijn lievelingsfilm (Velvet Goldmine) al zeven jaar mijn lievelingsfilm en heb ik mijn tweede lievelingsfilm (Interview with the vampire) al bijna tien jaar geleden voor de eerste keer gezien. Ik ben al langer van de middelbare school af dan dat ik erop heb gezeten. Ik heb maar zeer weinig vrienden die ik korter dan vijf jaar ken. Patrick Wolf is hier jonger dan dat ik nu ben. Ooit woonde ik in Parijs, maar deze periode is tegenwoordig niet meer iets heftigs dat ik net achter de rug heb, maar iets dat officieel tot mijn verleden behoort.

Nu behoort alles wat voorbij is tot je verleden, maar vergis je niet: er is een groot verschil tussen net-verleden en verleden-verleden. Toen ik pas terug was uit Parijs, dacht ik dat ik overal Eiffeltorens en zwervers zag en was ik een beetje beledigd wanneer kennissen niet meteen over mijn terugkeer begonnen – alsof ik niet een half jaar in het buitenland had gewoond, maar alsof ze me gewoon toevallig een tijdje niet hadden gezien. Nu klinkt dit supersuf (want iedereen en z’n bejaarde buurvrouw gaat tegenwoordig een paar maanden naar de andere kant van de wereld, daar kijkt niemand langer dan drie seconden van op) (jup, ik heb door hoe geprivilegieerd en cru dit klinkt), maar toen voelde mijn tijdelijke afwezigheid Heel Erg Bijzonder En Heel Erg Urgent. Voor mij dan.

Inmiddels zijn er weer zoveel andere dingen gebeurd die mijn Franse herinneringen geheel of gedeeltelijk hebben verdrongen. Nieuw werk, liefde van mijn leven ontmoet, stage gelopen, oma’s verloren, afgestudeerd, nieuwe toekomstplannen, weer een nieuwe stage, verhuisd, nieuwe sporten uitgeprobeerd, mijn eetpatroon omgegooid… enzovoort enzoverder. Het leven gaat door, en Parijs wordt steeds minder mijn stad, natuurlijk nooit helemaal niet maar wel minder dan toen het nog maar net verleden tijd was, hoe je ‘t ook wendt of keert.

Dat is natuurlijk iets goeds, want het zou treurig zijn als ik het op mijn veertigste nog steeds alleen maar zou hebben over die paar maanden uit mijn leven, alsof dat het belangrijkste is dat ik ooit heb meegemaakt. Dat is het namelijk niet, en mijn verhalen over mijn Parijstijd hebben inmiddels alweer een hoog oma vertelt-gehalte. Maar toch, toch toch toch, toch is het ook wel een beetje jammer dat de tijd niet even stil had kunnen blijven staan op toen het nog maar net voorbij was. Het had namelijk ook wel wat, dat thuiskomen en terugverlangen.

Studeren in Parijs

Foto: Muh Vadur

9 Comments

Filed under studie in buitenland

hee hallo lisa hoe gaat het met je

Omdat jullie dat natuurlijk allemaal willen weten maar er niks over durven te vragen (stel ik me zo voor, ik kan nogal intimiderend zijn), zal ik het maar gewoon ongevraagd vertellen, puntsgewijs, wel zo makkelijk, zowel om te schrijven als om te lezen:

  • Ja, prima hoor, bedankt voor de interesse.
  • Ja, met mijn studie en stage gaat het goed en ik vind alles nog steeds leuk (maar ik ben altijd bang om iets onprofessioneels te zeggen als ik erover schrijf, dus ik hou er meteen maar weer over op).
  • Ja, ik leef nog steeds la vida loca in Oost (ben ik trouwens de enige die dit nummer HEEL ERG LEUK vind?).
  • Ja, ik eet nog steeds veganistisch, en nee, ik heb eigenlijk nooit trek in kaas.
  • Ja, mijn relatie is nog steeds fantastisch, zelfs ondanks het bovenstaande (kun je nagaan!).
  • Ja, ik heb het wel druk, zelfs al lees je tegenwoordig altijd en overal dat druk zijn iets voor sukkels is. Ik ben ook best wel een sukkel, vandaar.

Goed, klaar met algemeenheden, nu over naar de sappige details (ahum):

  • Omdat ik nog steeds niet normaal kan hardlopen zonder dat mijn been eraf valt, ben ik aan het begin van 2016 maar begonnen met trainen in de sportschool. De eerste drie keer vond ik het SUPERLEUK, maar inmiddels val ik al in slaap als ik eraan denk. Beetje vervelend, vooral omdat ik precies hetzelfde heb doorgemaakt met yoga (hoewel het daarbij langer duurde voordat ik het saai begon te vinden). Hoe houden jullie dat vol, mensen? Nu niet zeggen dat hardlopen kennelijk mijn enige p@$$ie is en ik moet wachten tot ik dat weer kan, want ik wil het probleem graag bij de wortel aanpakken.
  • Ik was gisteren met Anne-Fleur in een toko in Utrecht en daar stuitten we semi-spontaan op zwart zout. Zwart zout is bedoeld om gerechten een ei-achtige smaak te geven. En geloof me op niet, het werkt. Het is echt idioot. Zwart zout smaakt dus EXACT hetzelfde als ei. En het was echt 1 euro of zo! Red de kippen, koop zwart zout!
  • Dit weekend zag ik de documentaire Capturing the Friedmans (staat hier online), over een gezin waarvan de vader en jongste zoon worden beschuldigd van seksueel misbruik. De beschuldigingen zijn eigenlijk te bizar om waar te kunnen zijn, maar… die familie is dat ook. Hele interessante (maar nare) documentaire, vooral omdat hij bestaat uit een heleboel homevideo’s waarop de gezinsleden aan het ruziën zijn (!), waardoor de kijker automatisch gaat nadenken over hoe de waarheid wordt geconstrueerd.
  • Over films gesproken, ik heb vorige week ook weer Legends of the fall gezien en volgens mij snapte ik hem nu pas voor het eerst echt. (Dit is niet zo omdat het zo’n ingewikkelde film is, maar omdat ik de vorige keren dat ik ‘m keek gewoon jong&onnozel was.) Ik weet niet of ik hem zou aanraden want eigenlijk vind ik hem melodramatisch en over the top-Amerikaans en bovendien duurt-ie te lang, maar toch heb ik nu alweer zin om ‘m te kijken.
  • Ik weet niet of ik dit al had verteld, maar mijn goede voornemen voor 2016 was dat ik nieuwe muziek ging ontdekken in plaats van altijd maar alleen dezelfde oude meuk te luisteren. Dit is jammerlijk aan het mislukken. Ik luister de laatste tijd serieus alleen nog maar Placebo (weer, niet nog steeds) en Indochine. Om en om, ja. No shame in my game (dit is momenteel mijn lievelings van Placebo, en dit van Indochine, hoewel ik dit nummer ook weer helemaal heb herontdekt).
  • Speaking of no shame in my game: ik wil dus echt ontzettend graag het boek van Annemerel hebben maar ik heb het nog nergens gespot en ik ga KAPOT van verlangen naar dat boek. Zelfs terwijl ik nooit meer hardloop. (Met ‘no shame in my game’ verwijs ik even naar Annemerel omdat die dit altijd over haar muzieksmaak zegt, maar op zich kan het ook wel slaan op het feit dat ik zo’n hysterische fangirl ben).
  • EN ROOS VAN RIJSWIJKS BOEK IS OOK BIJNA UIT IK BEN ZO BENIEUWD.
  • Heb ik het nou alleen over films, muziek en boeken? Nee, ik had het ook nog over sport en over eten, wel blijven opletten. Jullie denken toch niet dat ik geen leven heb? Ik voer heus nog wel eens wat uit, dingen met vrienden (ja heus) en schrijven (ik ben aan een verhaal bezig en het telt al 30.000 woorden, omg) en zo. Maar goed, op dit moment vreet mijn studie heel veel tijd en energie, dus om me een beetje mezelf te houden luister ik dus de hele dag naar Placebo (nog één luistertip dan – sorry Dionne).

P.S. Mijn blogdinnies zijn awesome, vooral Laura.
P.P.S. Mijn andere dinnies, naar wie ik niet kan linken omdat nu eenmaal niet iedereen z’n ziel verkoopt voor een beetje aandacht op internet, zijn net zo awesome.

23 Comments

Filed under leven

mijn hoofd, de eerstejaarsstudenten en het hondje

Ik heb last van concentratieproblemen. Altijd al gehad, geloof ik. Op de basisschool wist ik tijdens het gezamenlijk lezen nooit waar we waren, omdat ik in mijn gedachten mijn Rollercoaster Tycoon-imperium aan het uitbreiden was of me zorgen maakte over de verspreiding van mond-en-klauwzeer bij varkens. Toen ik, eenmaal op de middelbare school, aan mijn broertje vroeg hoe hij in vredesnaam nog voldoendes kon halen voor geschiedenis terwijl hij nooit leerde, zei hij dat hij gewoon goed oplette in de les en zo genoeg meekreeg. Ik viel bijna van mijn stoel van verbazing: waren er serieus mensen die konden opletten bij geschiedenis? En waren deze mensen ook nog eens familie van mij?

(Je mag het best ironisch vinden dat ik nu voor de klas sta, hoor. Ik vind het zelf vooral handig: als ik een modelleerling was geweest, zou ik niet zo vaak positief verrast worden door de oplettendheid van leerlingen.)

Ook nu ik supervolwassen ben, zijn mijn gedachten nog altijd overdreven actief. Als ieder hoofd een feestje was, was die van mij er eentje met alleen maar eerstejaarsstudenten die pas sinds een paar maanden legaal mogen drinken en dus alles onderkotsen. (Ziet u het voor u?) Het is nogal chaotisch en vaak vermoeiend, maar in ieder geval niet saai – er is altijd wel iemand om mee te praten, bestaand of niet-bestaand (ik prefereer het laatste, want door die fictieve babbeltjes met bestaande mensen raak ik later wel eens in de war: hebben we dit gesprek nou echt gehad, of heb ik het gewoon verzonnen?).

Natuurlijk ben ik niet de enige ter wereld met deze problemen en hoef ik niet helemaal zelf te verzinnen hoe ik mijn hoofd een beetje rustig moet krijgen. Ik heb dan ook alles uit de handboeken geprobeerd om die bezopen studenten weg te krijgen. Meditatie hielp een tijdje, maar hoe vaker ik het deed, hoe minder effectief het leek. Yoga werkte ook even, en goed ook – ik vond die poses in het begin zo ingewikkeld dat ik niets anders kon dan me volledig concentreren op wat mijn yogaleraar van me verlangde. Na iedere les voelde ik me bijna zweven, zo licht was ik door de afwezigheid van partyruis. Een paar maanden later begon ik dat hele downward facing dog-gebeuren wel een beetje onder de knie te krijgen, waardoor er weer ruimte ontstond voor gedachten. Dat kleine kiertje veranderde al snel in een groot gapend gat waardoor alle weggestuurde studenten lachend terug naar binnen klommen.

Iemand vertelde me dat ik mijn aandacht moet zien als een  jong hondje dat overal op af wil rennen, maar dat moet leren om netjes bij mijn voeten te komen liggen. Ik moest meteen denken aan het hondje van een vriendin van me, dat, toen ik gehurkt zat om haar te aaien (het hondje, niet de vriendin), op mijn schoot kwam zitten. Het was een oncomfortabel maar wonderschoon moment, aangezien honden normaliter een natuurlijke afkeer van me hebben (net als baby’s) (nu was dat hondje zo klein dat hij meer op een konijn leek, maar toch.) Ik wilde het, toen het onderwerp ‘honden’ werd aangesneden, direct liever hebben over wat voor overwinning het was dat ik gewoon geconnect heb met een hond, maar goed, dat is een beetje ongepast als iemand je probeert te helpen met je concentratieproblemen, dus vertelde ik dit hem maar alleen in mijn gedachten.

Op een dag gaat het me lukken, op een dag ben ik de studenten en het hondje de baas en zal er wat rust in de tent komen (doet dit jullie ook zo denken aan Villa Volta???). Echt, heus, sowieso. Maar het gaat nog wel even duren, ben ik bang. Tot die tijd blijft het lekker druk, lekker vermoeiend, maar in ieder geval niet eenzaam, want ik kan er altijd met iemand over praten – al is het maar in mijn hoofd.

11 Comments

Filed under de ongemakken des levens, tijdmanagement